Eetstoornis ARFID

Iemand die de eetstoornis ARFID heeft, lukt het niet om bepaalde soorten voedsel te eten. Het kan ook zijn dat de persoon bang is om het te eten, of het hem/haar gewoon niet lukt om genoeg voedsel binnen te krijgen.

Als je ARFID hebt, ontwijk je bepaalde voedselsoorten. Je kunt zo in een (sociaal) isolement terechtkomen of depressieve gevoelens ontwikkelen. 

Er is op het moment nog geen specifiek onderzoek gedaan naar het aantal mensen met ARFID in Nederland. Het aantal kinderen wordt geschat op 150.000 en voor volwassenen zou het gaan om 130.000 mensen.

Kenmerken en symptomen van de ARFID voedingsstoornis zijn onder andere:

  • Weigeren om voedsel met een bepaalde smaak, kleur of textuur te eten
  • Geen eetlust hebben
  • Een verstoorde groei
  • Gewicht verliezen omdat je onvoldoende voedingsstoffen binnenkrijgt
  • Aankomen omdat je voornamelijk ongezond voedsel eet
  • Niet voldoende vitamine- en mineralen binnenkrijgen
  • Psychosociale problemen

Wat is ARFID?

ARFID is een eetstoornis waarbij iemand veel soorten voedsel niet eet. Soms is de persoon bang om het voedsel te eten, en in andere gevallen lukt het gewoon niet. De afkorting ARFID staat voor Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder. Vertaald naar het Nederlands betekent dit vermijdende/restrictieve voedselinname-stoornis. Iemand met ARFID mijdt voedsel die een bepaalde kleur, textuur of smaak heeft. De persoon zal zo een tekort krijgen aan bepaalde voedingsstoffen en vitamines. Bovendien zal het ARFID eetgedrag de persoon beperken in zijn/haar sociale activiteiten. ARFID is een serieuze aandoening die bovendien niet zomaar overgaat.

ARFID is echter niet vergelijkbaar met andere eetstoornissen, zoals anorexia nervosa of boulimia nervosa. Bij ARFID ben je namelijk niet bewust bezig met je gewicht, wat wel het geval is bij de andere twee eetstoornissen.

Wat zijn de oorzaken van ARFID?

In de meeste gevallen is er niet één specifieke oorzaak te vinden voor het ontwikkelen van ARFID. Vaak gaat het om een combinatie van factoren en problemen. Dit zien we vaker bij eetstoornissen. Bovendien is de officiële diagnose van ARFID pas sinds kort opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM). Onderzoek naar ARFID staat nog in de kinderschoenen.

Biologische oorzaken

Iemand kan vanaf de geboorte een bepaalde gevoeligheid hebben voor het ontwikkelen van een eetstoornis. Ook kan het zijn dat iemand geboren wordt zonder een gevoel van honger. Daarnaast zijn er mensen die een gevoelige mond hebben, waardoor ze niet goed tegen de smaak of structuur van bepaald eten kunnen. Verder kunnen erfelijke factoren een rol spelen en kan het zijn dat er eetstoornissen in de familie voorkomen. Een studie uit 2023 van Dinkler et al. vond dat 79% van de mensen met ARFID een genetische aanleg voor de eetstoornis zou hebben.

Psychologische oorzaken

Het kan ook zijn dat je een nare ervaring hebt gehad met eten, bijvoorbeeld omdat je als baby sondevoeding hebt gekregen, of omdat je je een keer heel erg hebt verslikt. Of misschien ben je een keer enorm ziek geweest van bepaald eten. Ook kunnen er emotionele of relationele problemen een rol spelen bij het ontwikkelen van afwijkend eetgedrag. Een traumatische ervaring en depressie kunnen andere achterliggende oorzaken zijn.

Risicofactoren voor ARFID

Er zijn mensen die meer kans lopen op het ontwikkelen van een eetstoornis. Dit kan te maken hebben met persoonlijke factoren, familiegeschiedenis en omgevingsfactoren.

Persoonlijkheidskenmerken

Bepaalde persoonlijkheidskenmerken, waaronder irrationele zorgen over gewicht, angst om aan te komen en ontevredenheid over het lichaam kunnen het risico op ARFID verhogen.

Familiegeschiedenis

Er kan bovendien sprake zijn van een erfelijke kwetsbaarheid.

Omgevingsfactoren

Een voorbeeld is het beoefenen van een sport waar je licht of aantrekkelijk voor moet zijn.

Gevolgen van ARFID

ARFID kan ernstige fysieke en mentale gevolgen hebben. In vergelijking met andere eetstoornissen begint ARFID vaak op jongere leeftijd, waardoor de fysieke effecten – volgens onder andere Lieberman et al. (2019) – langer van invloed zijn op de ontwikkelingsfase.

Fysieke gevolgen

Als je diverse soorten voedsel vermijdt, kan het zijn dat je te weinig voedingsstoffen binnenkrijgt. Dit leidt uiteindelijk tot gewichtsverlies en als je nog jong bent kan dat een gezonde groei in de weg staan. Aan de andere kant kun je ook juist aankomen in gewicht, bijvoorbeeld als je alleen krokant voedsel kunt eten. Je krijgt dan misschien wel veel calorieën binnen, maar niet de juiste of genoeg voedingsstoffen. Vermoeidheid, haaruitval, zwakke botten en nagels, levenslange orgaanschade en onvruchtbaarheid zijn andere gevolgen van ARFID.

Psychologische gevolgen

De gevolgen kunnen bovendien van psychologische aard zijn. Volgens Cañas et al. in European Eating Disorders Review komen psychische stoornissen als gevolg van ARFID vaak voor. Depressieve gevoelens, angststoornissen en andere obsessief-compulsieve stoornissen zien we vaak.

Sociale gevolgen

Als je ARFID hebt, wil of durf je niet met anderen samen te eten. Je zult weinig sociale activiteiten ondernemen, omdat er vaak eten bij betrokken is. Je kunt daardoor eenzaamheid en somberheid ervaren. Bovendien is er vaak minder belangstelling voor het aangaan van nieuwe vriendschappen door lage hormoon- en bloedsuikerwaardes, chronische vermoeidheid en lusteloosheid.

Diagnose en behandeling van ARFID

Diverse studies, zoalsAulinas et al. in International Journal of Eating Disorders, geven het belang aan van vroege diagnose.Hoe sneller er wordt ingegrepen, hoe effectiever de behandeling, zo vonden onder andere Kutori et al. in Neuropsychiatric Disease and Treatment. Bovendien kan er zo permanente gezondheidsschade worden voorkomen.

Diagnosecriteria voor ARFID

De diagnose ARFID wordt gesteld wanneer iemands ziektebeeld voldoet aan één (of meer) van de volgende criteria:

  • Significant gewichtsverlies
  • Significante voedingsdeficiëntie
  • Afhankelijkheid van sondevoeding of voedingssupplementen
  • Een duidelijk probleem met het psychosociale functioneren

Behandelingsopties voor ARFID

Wanneer een behandeling noodzakelijk is, wordt er een plan opgesteld waarin jouw doelen worden uitgelicht en hoe je deze gaat bereiken. Een behandeling kan uit verschillende onderdelen bestaan. Ten eerste is er de cognitieve gedragstherapie: een therapie die erop gericht is om gedachten en gedrag te veranderen. Je zult in deze therapie stap voor stap wennen aan eten dat je nu niet eet. Je kunt eventueel oefeningen meekrijgen voor thuis, en je zult gesprekken voeren over de angstige gedachten die je hebt over eten. Negatieve gedachten worden via therapie vervangen door positieve gedachten die je uiteindelijk zullen helpen om iets (opnieuw) te leren eten.

In het geval je veel gewicht bent verloren en geen gezond gewicht hebt, moet je daar ook voor behandeld worden. Dit kan zijn in de vorm van pillen en vitamines, drinkvoeding of sondevoeding. Als je probleem gerelateerd is aan een nare ervaring met eten, dan zal daar ook een behandeling voor worden ingezet. Wanneer voor jou voedsel vreemd aanvoelt in de mond, dan kan een logopedist eventueel helpen. Ten slotte kan een diëtist je meer leren over eten.

Lichamelijke symptomen van deze stoornis kunnen soms medicatie vereisen, maar professionele begeleiding in het geval van een zware ondervoeding is ook mogelijk. Omdat de behandeling van ARFID in veel gevallen een team van professionals vereist, wordt dit vaak binnen een eetstoorniskliniek uitgevoerd.

Preventie van ARFID

Op het moment zijn er nog geen specifieke maatregelen bekend die ARFID kunnen voorkomen. Wel is het belangrijk – voor de preventie van eetstoornissen in het algemeen – dat de mentale gezondheid en weerbaarheid van jongeren wordt verbeterd. Dit kan door hun zelfvertrouwen te verhogen en hen hen te leren hoe ze verantwoord en kritisch met sociale media kunnen omgaan. Ook is het belangrijk om een eetprobleem zo snel mogelijk te herkennen.

Leven met ARFID

ARFID kan je leven beïnvloeden. Wat kan helpen, is met de mensen om je heen te praten over je eetprobleem. Zij zullen je steunen en ervoor zorgen dat je je minder alleen voelt. Verder kan het steun geven door met anderen te praten die zelf ook ARFID hebben (gehad). Zij begrijpen wat je doormaakt en zullen bovendien handige tips kunnen geven. Verder kunnen ontspanningsoefeningen en meditatie helpen.

Conclusie

Als je de eetstoornis ARFID hebt, vermijd je bepaald voedsel. Vaak gaat het om een irrationele angst voor eten gebaseerd op bepaalde kenmerken (geur, kleur, smaak of textuur). ARFID kan tot ondervoeding leiden en een gebrek aan belangrijke voedingsstoffen. Dit kan weer leiden tot ernstige lichamelijke, psychologische en sociale problemen. Er zijn mensen die meer risico lopen op het ontwikkelen van een eetstoornis en vaak zijn er meerdere oorzaken aan te wijzen voor het ontwikkelen van ARFID. Hoe sneller er kan worden behandeld, hoe beter. Een behandeling voor ARFID bestaat vaak uit cognitieve gedragstherapie, maar kan ook worden aangevuld met individuele gesprekken. Afhankelijk van je klachten, kunnen nog andere professionals worden ingezet (zoals een logopedist of diëtist). Er zijn helaas (nog) geen specifieke maatregelen bekend die ARFID kunnen voorkomen. Wel is het belangrijk voor eetstoornissen in het algemeen dat de mentale gezondheid en weerbaarheid van jongeren wordt verbeterd.

Als je behandeld wilt worden voor ARFID, dan is het verstandig om zo snel mogelijk met je huisarts te praten. Hoe eerder je hulp vraagt, hoe groter de kans op herstel. Therapie zal je helpen om weer controle over je leven te krijgen en weer op eigen kracht door te gaan. Met steun van familie en vrienden wordt dit proces natuurlijk een stuk aangenamer.

Advies nodig?
Bel onze hulplijn

Ma. t/m Vrij. van 07:00 – 22:00

Bel onze hulplijn

Ma. t/m Vrij. van 07:00 – 22:00